Maandag 15 september 2025
Jezelf zorgen maken is een gesprek met jezelf hebben over dingen die je niet kunt veranderen. Gebed is een gesprek met God over dingen die Hij kan veranderen.
_____
Gebed

Heer, U bent onze rots en vesting.
Mogen wij deze week elke dag uit Uw kracht putten?
Wanneer wij wankelen, houdt Uw Geest ons overeind.
Wanneer wij zwak zijn, omringt Uw liefde ons met nieuwe moed.
Wilt U ook mijn familie en vrienden zegenen en hen alles geven wat ze nodig hebben om deze week vol vertrouwen en kracht tot een prachtige week te maken?
Herinner ons eraan dat wij kostbaar zijn in Uw ogen en dat onze namen geschreven staan in de palm van Uw hand.
Breng rust in onze onrust, vrede in onze storm en leer ons veilig te schuilen in Uw aanwezigheid.
In Jezus’ Naam,
Amen.

Mijn leven is als een weefpatroon tussen God en mij.
Hij weeft Zijn eigen plan, ik kies de kleuren niet.
Soms weeft Hij met draden zwart, geen kleur erbij.
Dan zie ik niets dan pijn en menselijk verdriet.
Heer wat doet U toch, ik begrijp niets van het pelgrimspad.
Mijn lieve kind, Ik zie van bovenaf, jij ziet slechts de onderkant.
Ik ben je goede Heer, Ik heb je altijd liefgehad.
Je zult het gaan begrijpen in het hemelland.
Deze week nieuw op de site

Een ongelovig mens staart mij aan en vraagt: “Wat is het dan dat God schenkt?” Geen goud of edelstenen. Geen huizen of landerijen. Niet de wereld met al haar rijkdommen. Nee, Hij geeft mij zelfs geen engel met schitterende wijsheid en vurig mededogen. Hij geeft mij iets veel beters. Iets onmeetbaars… Het is Jezus Christus.
Lees meer

Ik kan je naar de kerk brengen,
maar ik kan je niet laten geloven.
Alleen God kan je geloof geven.
____
Spreuk van de week

Het meeste succes behalen we als we het vertrouwen in onszelf afzweren en de gebeurtenissen van het leven met onvoorwaardelijk vertrouwen aan God overlaten.
Francis Atterbury
U, Heer, hebt mij aangeraakt en ik ben overgegaan in uw vrede.
Augustinus
Zijn oog rust op elk uur van mijn bestaan. Zijn geest is nauw betrokken bij elke gedachte van mijn hart. Zijn inspiratie helpt me om elk doel te bereiken. Zijn hand geeft leiding aan elke stap die ik zet. Elke ademhaling wordt gevoed door een energie die God mij schenkt.
Thomas Chalmers
Het waren diensten zoals er nooit eerder geweest waren, deze momenten in barak 28, in ons concentratiekamp. Een bijeenkomst kon bestaan uit een voordracht van het Magnificat in het Latijn door een groep rooms-katholieken, een gefluisterd lied door lutheranen en een zacht gezang door oosters-orthodoxe vrouwen. Er kwamen steeds meer mensen luisteren. Dan opende Betsie of ik de Bijbel. Omdat alleen de Hollanders de Nederlandse tekst konden begrijpen, vertaalden we die hardop in het Duits. En dan hoorden we hoe de leven gevende woorden langs de gangpaden werden doorgegeven in het Frans, Pools, Russisch, Tsjechisch en weer terug in het Nederlands. Het waren kleine voorproefjes van de hemel, deze avonden onder de gloeilamp in Barak 28.
Corrie ten Boom
Een vergrijp tegen je naaste is een barrière tussen jou en God.
Onbekend

Ik kan je leren wat goed en kwaad is,
maar niet voor je beslissen.
Alleen God kan je leiden op je weg.
____
Om over na te denken

Eén van de gevaren voor een christen is dat hij gewend raakt aan zijn zegeningen. Zoals een wereldreiziger die overal is geweest en alles heeft gezien, kan een oprecht gelovig mens het risico lopen dat Gods gaven zo gewoon worden dat ze hem niet langer verwonderen.
Emerson zei ooit: “Als de sterren maar één keer per jaar zouden verschijnen, zou iedereen de hele nacht wakker blijven om ze te bewonderen.” Maar omdat we ze elke avond zien, kijken we vaak niet eens meer omhoog. Zo raken wij ook gewend aan onze zegeningen.
Dat was precies wat er gebeurde met de Israëlieten in de woestijn. Elke ochtend gaf God hen manna uit de hemel, een dagelijks wonder van Zijn trouw. Toch klaagden ze: “Ons hele wezen is uitgedroogd. Er is niets te eten behalve dit … manna!”
Niets dan manna? Alsjeblieft zeg. Ze zagen iedere dag een wonder, maar ze zagen het niet meer als iets bijzonders.
Eén van de tekenen dat wij gewend zijn geraakt aan onze zegeningen is, dat we gaan klagen en mopperen. In plaats van God te danken voor wat we hebben, vragen we Hem om iets nieuws. En hoe vaak gebeurt het niet dat we, zodra we dat andere dan krijgen, ook daar weer ontevreden over worden? Wie zijn zegeningen vanzelfsprekend vindt, zal nooit tevreden zijn.
Zo’n houding zorgt er ook voor dat we denken dat anderen het beter hebben dan wij. De Israëlieten verlangden terug naar de komkommers, meloenen, prei, uien en knoflook van Egypte. Voor het gemak vergaten ze de slavernij, de onderdrukking en de ketenen waaruit God hen had bevrijd. Slavernij is wel een heel hoge prijs om te betalen voor een iets smakelijker maaltijd.
Warren Wiersbe, God Isn’t In a Hurry

We groeien door te strijden, te werken en ons door problemen heen te worstelen. In zekere zin heeft de menselijke natuur problemen harder nodig dan oplossingen. Waarom worden niet alle gebeden onmiddellijk en wonderbaarlijk verhoord? Waarom moet elke nieuwe gelovige dezelfde moeizame weg van geestelijke discipline afleggen? Omdat volhardend gebed, vasten, studie en meditatie in de eerste plaats voor óns bestemd zijn, niet voor God.
Kierkegaard zei eens dat christenen hem deden denken aan schooljongens die liever achter in het wiskundeboek de antwoorden opzoeken dan de sommen zelf uit te werken. Ook wij verlangen vaak naar snelle oplossingen. Maar snelle wegen leiden meestal niet naar groei, die openen juist de weg van verval.
Phillip Yancey

Ik kan je advies geven,
maar het niet voor je opvolgen.
Alleen God kan je wijsheid geven.
___
Uit het archief van Spurgeon

De kern van het evangelie is verlossing en het hart van die verlossing is het offer van Christus die voor ons, zondaren, aan het kruis stierf. Wie deze waarheid verkondigt, verkondigt het evangelie. Maar wie dit negeert, mist, wat hij ook zegt, de kern en de essentie van Gods boodschap. Het ontkennen van deze grote waarheid, dat Jezus door Zijn dood in onze plaats voor ons stierf, maakt het evangelie krachteloos en snijdt het hart uit het christendom.
Zoals de zon onmisbaar is voor de hemel, zo is de leer van verzoening door het offer van Jezus onmisbaar voor het evangelie. Dit is het hart en de ruggengraat van het christendom! Neem je het bloed weg dat verzoening brengt voor de zonden, welke hoop blijft er dan nog over voor schuldige mensen? Als je ontkent wat Jezus in onze plaats voor ons heeft gedaan, dan ontken je alles wat juist kostbaar is in het evangelie.
Wie dit mysterie begrijpt, heeft de sleutel tot de hele Bijbelse theologie in handen.

Ik kan je liefde geven,
maar die niet afdwingen.
Alleen God kan je hart vervullen met Zijn liefde.
____
Uit de schatkist van het verleden

Joe Scriven werd in 1819 geboren in Ierland. Hij zou later als zendeling in Canada gaan werken, onder de Irokezen.
In Dublin kreeg hij goed onderwijs en hij behaalde een graad aan het Trinity College, waarna hij leraar werd. Met plannen om zich te vestigen en binnenkort te trouwen, verliep het leven goed voor Joseph. Helaas verdronk zijn aanstaande vrouw de dag vóór hun huwelijk.
Het verdriet was meer dan hij kon dragen, dus verhuisde Joseph naar Canada om daar opnieuw te beginnen. Daar ontmoette hij Eliza Rice, en ze besloten te trouwen. Het is nauwelijks voor te stellen dat je in zo’n jong leven zoveel kunt verliezen, maar enkele weken voordat ze zouden trouwen, werd Eliza ziek en overleed ze aan haar ziekte. Joseph was toen nog maar 25 jaar.
Uit dit hartzeer, gekoppeld aan zijn geloof in God, ontstond echter een missie. Joseph deed een gelofte van armoede en begon de armen en gehandicapten op elke mogelijke manier te helpen. Tien jaar lang stelde hij zichzelf beschikbaar om hen, die in nood waren bij te staan en hij vond troost en vervulling in het dienen van anderen.
Toen sloeg het hartzeer, ongelooflijk genoeg, opnieuw toe! Zijn moeder, die nog steeds in Ierland woonde terwijl Scriven in Canada was, werd ernstig ziek en hij beschikte niet over de middelen om haar te helpen of naar haar toe te gaan. Voor haar schreef hij de woorden van dit gedicht, dat sindsdien generaties heeft getroost, bemoedigd en opgebeurd!
Welk een vriend is onze Jezus,
Die in onze plaats wil staan!
Welk een voorrecht, dat ik door Hem
Altijd vrij tot God mag gaan.
Dikwijls derven wij veel vrede,
Dikwijls drukt de zonde ons neêr,
Juist omdat wij ’t al niet brengen
In ’t gebed tot onzen Heer.

Ik kan je vriendschap geven,
maar je niet tot vriend maken.
Alleen God kan je trouw maken
____
Korte Anekdotes
Hij heeft de trotse in de gedachten van hun hart verstrooid.
Lukas 1:51
____
Toen persoonlijke kentekenplaten werden ingevoerd in Illinois, ontving het ministerie van verkeer en waterstaat meer dan 1000 verzoeken voor het nummer “1”. De ambtenaar die de aanvragen moest goedkeuren zei: “Ik kan dit nummer toch niet aan een willekeurig iemand geven en daarmee duizend mensen teleurstellen?”
En hoe loste hij dit probleem op? Hij bedacht het nummer aan zichzelf toe.
Een jongetje en een meisje reden op een mechanisch paard in een winkelcentrum. Het jongetje, dat voorop zat, wendde zich tot het meisje en zei: “Als jij afstapt, is er meer ruimte voor mij.”
Nergens wordt de creativiteit van de mens duidelijker dan in zijn vermogen om nieuwe en originele manieren te vinden om de erfzonde te begaan. Het begon allemaal in de Hof van Eden, toen de duivel Adam en Eva ervan overtuigde dat hij een manier had gevonden om God opzij te schuiven en zelf “Nummer 1” te worden. En zo gaat het maar door. Wij blijven zoeken naar manieren om te slagen waar Adam en Eva faalden. We zoeken manieren om als eerste op de prioriteitenlijst van anderen te staan. We zoeken manieren om als eerste in de rij te staan, om als eerste bij de kassa te komen en als eerste de parkeerplaats te verlaten. Wie het eerst komt, het eerst maalt.
Maar dit zijn allemaal slechts symptomen van de echte overtreding. Voor christenen wordt onze creativiteit als de oorspronkelijke zondaars het duidelijkst zichtbaar wanneer we manieren zoeken om discipelen van Christus te zijn zonder Zijn voorbeeld te hoeven volgen.
“Wij zijn Nummer 1!” We vergeten daarbij dat wanneer deze kreet uit ons hart opspruit, het niet meer is dan een openbaring van onze ziekelijke trots en verbeelding en dat God daar weinig mee op heeft.

Ik kan voor je bidden,
maar je niet laten wandelen met God.
Je moet het Hem zelf vragen.
____

In de wouden van Amerika vertelde een oude jager in de negentiende eeuw eens dit volgende opmerkelijke verhaal aan een zendeling:
“De hele winter had ik alleen doorgebracht, jagend op wild. Het was maart, de tijd dat het ijs begon te barsten en los ronddreef. Ik bevond mij op een van de meest afgelegen meren die ik ooit had gezien, een plek waarvan ik dacht dat er in een straal van honderd mijl geen mens te vinden was.
Op een koude dag duwde ik mijn kano behoedzaam tussen de ijsschotsen door. Plotseling hoorde ik, net om de hoek van een uitstekende landtong, zware stappen door het water gaan. Ze klonken zo luid en ritmisch dat ik zeker wist dat er een eland liep. Met mijn geweer in de ene hand en mijn peddel in de andere gleed ik langzaam de bocht door.
Lees hier verder

Ik kan je over Jezus vertellen,
maar niet maken dat Hij je Verlosser wordt.
Alleen Hij klopt direct op je eigen hart
___
Hemels perspectief

In een afgelegen gebied leefde een jonge Indiaan die, in tegenstelling tot de meesten van zijn stam, had leren lezen. Het was een wonderlijk geschenk dat voor hem nieuwe werelden opende. Niet lang daarna kreeg hij een Nieuw Testamentje in handen. Het eenvoudige boekje, met de dunne bladzijden en betekenisvolle woorden, werd hem kostbaarder dan al het andere dat hij bezat.
Telkens wanneer hij erin las, leek het alsof de donkere wildernis om hem heen oplichtte. Hij ontdekte de verhalen over Jezus de Verlosser, en hoe verder hij las, hoe meer hij God liefhad. Het boek werd zijn gids en zijn troost, en zo groeide hij uit tot een oprechte volgeling van Christus.
Het stamhoofd merkte de verandering in hem op en bezocht hem vaak. Samen spraken ze urenlang over de geheimen van het geloof.
Maar op een dag werd de jongen ziek. Koorts brandde door zijn lichaam en maakte hem zwak. Zijn hut vulde zich met het geluid van de zware ademhaling van iemand die langzaam naar het einde gaat. Het stamhoofd, dat hem liefhad, bleef hem trouw bezoeken en zag hoe de ziekte hem steeds meer verzwakte.
Op een stille avond, toen de maan zwakjes door de spleten van het dak scheen, fluisterde de jongen:
“Binnenkort zal ik sterven… Blijf bij mij, totdat het zover is.”
Met bevende handen greep hij onder de deken en haalde zijn schat tevoorschijn: het Nieuwe Testament. Zijn ogen lichtten nog één keer op terwijl hij het stamhoofd aankeek.
“Hier,” zei hij zacht, “ik wil dat u dit meeneemt. En wanneer ze mij begraven, leg het dan onder mijn hoofd.”
Het stamhoofd fronste, ontroerd en verward.
“Waarom daar?” vroeg hij.
De jongen glimlachte, ondanks de pijn die zijn lichaam verteerde.
“Omdat ik het, wanneer ik opsta bij de opstanding, aan Jezus wil teruggeven … als ik Hem zie komen.”
Niet lang daarna werd zijn adem zwakker en hield tenslotte op. Zijn ziel verliet de koortsige hut en steeg op, weg uit de duisternis van het woud, naar de stralende velden van eeuwige glorie.
Sterven is nooit het einde, maar altijd het begin van het nieuwe leven; de dag waarop we gekroond worden. Wat geweldig dat we met ons eenvoudige, maar zuivere geloof de hemel mogen aanraken.

Ik kan je leren gehoorzamen
maar niet maken dat Jezus je Heer wordt.
Dat is je eigen keuze
____
Een glimlach

Ik bracht een groot deel van mijn negende zomer op een nieuwe fiets door. Ongeveer een kilometer bij ons huis vandaan ging de weg steil omlaag en eindigde in een scherpe bocht. Op een ochtend liet ik me van de heuvel afrollen en o, wat was dat leuk. Het was pure extase. Remmen leek mij geen goed idee, want dan was de opwinding voorbij. Dus besloot ik om niet te remmen en vertrouwde ik erop dat ik zonder probleem door de bocht kon komen. Maar dat viel tegen.
Een paar seconden later vloog ik van de weg af, de bosjes in. Mijn armen zaten vol bloedende schrammen en het voorwiel van mijn nieuwe fiets was helemaal krom. Ik had mijn plezier niet willen opgeven, maar leerde die dag dat ik soms beter toch kan afremmen.
En zo is het ook in ons geloof: soms moeten we iets loslaten om onze balans met God te bewaren. Het voelt misschien als verlies, maar juist daardoor blijven we op de weg die leven geeft en ontsporen we niet.
***
Philip Melanchthon, de grote reformatorische theoloog, zei eens tegen zijn vriend Maarten Luther: “Vandaag zullen jij en ik het bestuur van het heelal bespreken.”
Luthers antwoord was onverwacht: “Welnee, goede vriend. Vandaag gaan jij en ik vissen. Het bestuur van het heelal kunnen we beter aan God overlaten.”

Ik kan je vertellen hoe je moet leven,
maar ik kan je het eeuwige leven niet geven.
Alleen Jezus is de weg, de waarheid en het leven
____
Dat is grappig

Een paar jagers charterden een vliegtuig om diep de Canadese wildernis in te vliegen. Twee weken later kwam de piloot hen ophalen. Toen hij de twee geschoten elanden zag, zei hij: “Jongens, ik heb jullie toch verteld dat ik alleen jullie én één eland mee kan nemen. De andere moet achterblijven.”
“Maar vorig jaar hebben we het ook gedaan met een vliegtuig van dit formaat,” protesteerde één van de jagers. “Toen liet de piloot ons wél twee elanden meenemen.”
“Nou, goed dan,” zei de piloot. “Als het toen gelukt is, zal het nu ook wel gaan.”
Dus werden de twee elanden en de jagers ingeladen, en het vliegtuig steeg op. Maar door het zware gewicht had het moeite om aan hoogte te winnen, en haalde het de heuvel voor hen niet. Het toestel stortte neer.
De mannen kropen uit het wrak en keken om zich heen. Eén van hen zei:
“Waar zijn we eigenlijk terechtgekomen?”
Zijn vriend keek rond en antwoordde:
“Ongeveer een halve mijl verder dan vorig jaar, geloof ik.”
Soms doen wij precies hetzelfde als deze jagers: we maken dezelfde fouten, denkende dat het deze keer beter zal gaan en staan er dan verbaasd over dat we weer neerstorten. Maar waar de jagers slechts een klein beetje verder kwamen dan vorig jaar, wil God ons écht verder brengen. Niet door eigen koppigheid, maar door Zijn leiding en wijsheid.
____