Het veilige huis
Een groot deel van de pijn in het leven komt voort uit die beklemmende “angst voor het kwaad” die ons zo vaak achtervolgt. Ons leven zit vol veronderstellingen. Stel je toch eens voor dat dit zou gebeuren, of dat? Wat moeten we dan doen en hoe zouden we zulke ellende kunnen verdragen?
Maar als we in de “hoge burcht” van de woonplaats van God leven, zullen al deze angsten uit ons leven verdwijnen. Dan zullen we “rustig zijn voor de vrees van het kwaad”. Geen enkele dreiging kan de burcht van God binnendringen.
Zelfs toen de psalmist door het dal van de schaduw des doods wandelde, kon hij vol overtuiging zeggen: “Ik vrees geen kwaad.”
Als wij in God wonen, kunnen we dat ook zeggen.
Maar hoe kunnen we in deze goddelijke woonplaats komen? Het antwoord is eigenlijk heel eenvoudig: “Je moet er intrekken.” Als een vriend een huis voor ons zou kopen en zou zeggen dat het klaarstond omdat het contract naar behoren was ondertekend, zouden we ons niet afvragen hoe we erin konden komen. We zouden er gewoon in gaan wonen.
En dat moeten we hier ook doen. God zegt dat Hij onze woonplaats is en de Bijbel bevat alle benodigde papieren, naar behoren geattesteerd en ondertekend. En onze Heer nodigt ons uit; sterker nog, vraagt ons om binnen te komen en daar te blijven.
Heeft Jezus het niet beloofd? Het veilige huis staat klaar, maar je moet er op geloof intrekken. Vertrouw toch eenvoudigweg op de Schepper van hemel en aarde.