Maandag 2 februari 2026

 

Gebed

U weet, Heer, beter dan ikzelf,
dat mijn jaren tellen en dat de ouderdom zal komen.
Bewaar mij voor de valstrik van altijd iets te moeten zeggen  over alles en iedereen.
Bevrijd mij van de drang om andermans leven te willen ordenen.
Maak mij bedachtzaam, maar niet zwaarmoedig;
behulpzaam, maar niet heerszuchtig.
Houd mijn geest vrij van eindeloze details,
en geef mij vleugels om tot de kern te komen.
Sluit mijn lippen over mijn pijn en mijn zorgen.
Leer mij de schoonheid die verborgen ligt in mijn vergissingen.
Open mijn ogen voor het goede op onverwachte plaatsen,
voor talenten in mensen van wie ik het niet verwacht.
En Heer, schenk mij de moed en de genade
om U in alles te zien en dat ook uit te spreken.

Onbekend

***

Ik wil je leven graag betekenis geven,
een leven waar jij en Ik samen van genieten.
Jij kiest je weg, maar je mag je wegen aan Mij toevertrouwen.
Vraag Mij dus om je paden te leiden,
Samen beslissen we wat voor jou de beste weg is.
Het zoeken naar Mijn wil is niet altijd makkelijk.
Wacht dus geduldig, rust en vertrouw,
Ik zal je niet teleurstellen.
Ik heb je gemaakt, Ik ben altijd bij je geweest,
Ik zal bij je blijven tot het einde.
Niets of niemand kan Mijn plaats innemen.
Zoek Mij met heel je hart,
dan zul je Mij en de antwoorden die je zoekt, vinden.

Wanneer alles wankelt en je je nog maar amper kunt vasthouden aan een laatste draadje, houd je dan vast aan de zoom van Zijn kleed.

***

In de tijd dat er nog geen ziektekostenverzekering bestond, vroeg iemand aan een bekwame, doch zelfingenomen arts of hij misschien het dochtertje van een arme vrouw wilde helpen die ernstig ziek op bed lag. “Natuurlijk,” antwoordde de dokter, “maar er moet wel betaald worden. Voor niets gaat de zon op.”

Uiteindelijk onderzocht de arts het kind en bleek hij in staat, haar te genezen. De moeder prees God en overhandigde de dokter in dankbaarheid een handgemaakt beursje met kant. “Dokter,” zei ze zacht, “ik weet niet goed hoe ik u moet bedanken, maar wat u gedaan heeft is geweldig. Ik geef u dan ook mijn geliefde beurs. Mijn eigen moeder heeft die nog voor me gemaakt en hij betekent heel veel voor me.”

De dokter haalde minachtend zijn neus op en sprak toen bars: “Daar was ik al bang voor. Weer een arme sloeber die niet betalen wil.” Hij schudde geïrriteerd zijn hoofd en ging verder: “Mevrouw, een handgemaakt beursje is wellicht een leuke gift voor een kennis op een verjaardagsfeestje, maar het helpt mij niet om genoeg geld op de bank te hebben. Deze behandeling kost u 40 gulden. Ik doe het voor geen cent minder. U zult moeten betalen.”

Er gleed een wolk van teleurstelling over het gezicht van de moeder. Toen keek ze de dokter meewarig aan, griste het beursje terug en opende het. Er zat honderd gulden in. Ze keek op en zei: “U zult moeten wisselen, want die zestig gulden wil ik dan graag terug. U krijgt geen cent teveel.”

Alles wat van de wereld is, de zondige begeerten, de hebzucht en de hoogmoed, die door macht en bezit ontstaat, is er niet door de Vader, maar door de wereld.
1 Johannes 2:16

*** 

Gerechtigheid is een rechte lijn. Altijd de kortste weg tussen twee punten.

***

Om over na te denken

Steigers worden opgezet om gebouwen te repareren en beter te maken. Onze levens staan ook in de steigers. Die steigers zijn de momenten, de dagen en de jaren van ons aardse leven. En wat doen wij er mee? Laten we toe dat God Zijn werk in ons zal vervullen of vechten we ertegen? Wat voor bouwwerk zal er tevoorschijn komen als de steigers uiteindelijk weggehaald worden?

God geeft ons dit leven om iets op te bouwen dat de eeuwigheid ons niet kan afnemen; een karakter dat gebouwd is op de liefde van God in Christus, een leven dat gevormd is naar Zijn evenbeeld. Laat jij het toe dat de steigers in jouw leven daarvoor gebruikt worden? Als je dat doet dan haal je het beste uit het leven, ongeacht het aantal dagen die je gegeven worden. Niet de kwantiteit, maar de kwaliteit bepaalt de volmaaktheid van een leven.  

Alexander McLaren

Ik heb niet de moed om in boeken te zoeken naar mooie gebeden. Ik kan ze ook niet allemaal bidden, noch ertussen kiezen.
Daarom doe ik wat een kind doet dat niet kan lezen: ik zeg gewoon tegen God wat ik zeggen wil, heel eenvoudig. Hij begrijpt mij altijd.
Thérèse van Lisieux

Een mens kan de hemel binnengaan…
zonder gezondheid, zonder rijkdom, zonder roem, zonder geweldig karakter, zonder geleerdheid, zonder beschaving, zonder schoonheid, zonder vrienden en zonder tienduizend andere dingen… 

Maar hij kan nooit naar de hemel gaan…
zonder Jezus.

***

Veilig is hij die God vertrouwt.

Hier op aarde stuurt God al Zijn kinderen naar school. Niet naar de basisschool, het HAVO of het VWO, maar naar Zijn school, de school van het leven. Eén van Zijn beste leraren daar is dhr. Teleurstelling.

Geen makkelijke leraar en niemand mag hem graag, maar wanneer wij tenslotte het huis van onze Vader bereiken, zullen we terugkijken en tot onze verrassing inzien dat die leraar met die scherpe stem en dat ruwe gezicht ons meer geholpen heeft dan menige andere onderwijskracht. Hij gaf ons moeilijke lessen en zijn onderwijs was soms zwaar; hij gebruikte dikwijls de roede, leidde ons geregeld op doornige paden en soms ontnam hij ons een heleboel luxe maar als we heel eerlijk zijn, moeten we toegeven dat het juist zijn onderwijs was dat ons geholpen heeft op onze weg naar de hemel.

Zijn lessen leidden ons zelfs door het dal van de schaduw van de dood, maar nooit waren de beloften van onze Vader zo lieflijk en werden ze zo goed begrepen als toen ze daar in geloof werden ontvangen. Kostbare, oude, hardhandige leraar, voor u zullen we een monument bouwen en erop schrijven: “Gezegend zij de herinnering aan Teleurstelling. U bracht ons in gemeenschap met Jezus.”

Naar een artikel van Theodore Cuyler.

***

Bij de genade van God ben ik…
Vastbesloten om met al mijn kracht te leven …
Vastbesloten om niets te doen wat ik in een ander zou verachten…
Vastbesloten om nooit uit wraak te handelen.
Vastbesloten om anderen niets aan te doen
waar ik zelf bang voor zou zijn.
Jonathan Edwards

***

Uit de schatkist van het verleden

De moeder van Augustinus van Hippo, een van de eerste kerkvaders, bad dagelijks voor haar ongelovige zoon. Haar grootste angst was dat hij in zijn ongelovige staat naar Rome zou gaan. Dat was een beerput van ongeloof en losbandigheid. 

Dus besteedde ze veel tijd in haar gebeden om God te overreden haar zoon te verhinderen ooit in Rome terecht te komen. Maar daar had God geen boodschap aan. Hij hield Augustinus niet tegen toen deze besloot naar Rome te gaan. En daar, in het hart van de verdorvenheid kwam Augustinus tot het geloof. Gods wegen zijn heel wat hoger dan de onze.

***
Ontsteek het licht van morgen met vandaag.
Elisabeth Barett Browning
***

Uit het archief van Spurgeon

Er zijn momenten waarop eenzaamheid beter is dan gezelschap, en stilte wijzer dan spreken. We zouden betere christenen zijn als we vaker alleen zouden zijn terwijl we gemeenschap met Gods Geest zoeken en kracht putten uit Zijn Woord, door er over te mediteren. Het is meer dan lezen. Het is het absorberen en opnemen van het Woord.

Waarom toch maken sommige christenen, ook al horen ze veel preken, zo weinig vooruitgang in hun geestelijk leven? Het antwoord is niet moeilijk. Het komt doordat ze hun stille uren verwaarlozen.

Ze houden wel van de tarwe, maar vermalen die niet, ze willen het koren wel, maar het is hen te veel moeite om de velden in te gaan om het te oogsten. Ze zien de vrucht wel hangen aan de boom, maar ze plukken die niet, het water stroomt aan hun voeten, maar ze bukken zich niet om ervan te drinken.

Heer, bevrijd ons van zulke dwaasheid. 

***
Goedheid is verrassend eenvoudig:
Het is het leven voor anderen
en nooit uit zijn op eigen gewin.
Dag Hammarskjöld

Een glimlach

Een rijke man bezocht eens de bouwplaats van een nieuwe kathedraal. Het moest een prachtige kerk worden en hij had er behoorlijk wat geld voor gedoneerd. Terwijl hij rondkeek viel zijn oog op een arbeider die met veel aandacht een vogeltje in een van de steunbalken graveerde. “Waarom doe je dat nou?” vroeg de man verbaasd. “Niemand zal dat vogeltje ooit zien. Je verdoet er je tijd mee.”

Maar daar was de arbeider het niet mee eens. “U zult het wellicht niet zien,” antwoordde hij zacht, “maar God ziet het wel. Ik kerf dit vogeltje uit voor Hem.”

Wellicht dat de mensen niet zien wat je voor God en anderen doet, maar laat je nooit ontmoedigen door gevoelens die je proberen wijs te maken dat je niet telt en dat je werk zinloos is. Voor God is niets te klein. Iedere daad van liefde of aandacht, hoe klein die ook mag zijn, ontsnapt niet aan Zijn aandacht. Jij bouwt met je leven ook een kathedraal voor God. Je ziet nog niet precies hoe die er uit gaat zien, maar God ziet het werk groeien en vergeet je inspanningen niet. 

***

Spreek vrede uit,
maar leef haar eerst van binnen.
Franciscus van Assisi

***

Een onderwijzeres hield eens een glazen vissenkom omhoog waar een kleine goudvis enthousiast in rondzwom. “Zien jullie die vis wel?” vroeg ze aan de klas.

“Ja mevrouw,” zeiden ze allemaal instemmend.

“En als die vis zich voor jullie probeert te verstoppen?” vroeg ze weer. “Zien jullie hem dan toch nog?”

De kinderen vonden het maar een rare vraag. Dat was toch duidelijk. “Natuurlijk, mevrouw. Waar die vis ook zwemt, die zien we altijd want wij kunnen door het glas kijken.”

“Dat klopt,” zei de onderwijzeres. “En zo is het ook met God. God ziet precies waar we zijn en wat zich in ons hart afspeelt. Voor Hem kan niemand zich verstoppen.”

Ik kijk omhoog naar de bergen.
Daar zal mijn hulp vandaan komen.
Mijn hulp komt van de Heer,
die de hemel en de aarde heeft gemaakt.
Hij zal ervoor zorgen dat je niets overkomt.
Je Beschermer slaapt nooit.
De Beschermer van Israël rust niet en slaapt niet.
Hij let altijd op.
Net als je schaduw is de Heer altijd heel dicht bij je.
Hij zal je altijd beschermen.
Psalm 121:1-5
***

Hemels perspectief

Er was eens een jongetje dat opgroeide in een klein huis, met weinig ruimte en weinig vrijheid. Alles voelde er nauw en beperkt. Maar gelukkig had hij een opa en oma die op het platteland woonden. Zij hadden daar een prachtige, ruime boerderij vol leven. Er was een groot erf om op te rennen, een beekje met vissen, een grote schuur met dieren en overal waren dingen om te ontdekken.

Hij was er één keer geweest. O, wat was dat heerlijk. Die dagen voelden eindeloos. Niet zo zeer omdat ze lang duurden, maar omdat ze zó vol waren. Oma was lief, opa was vriendelijk. Niemand schold hem uit, niemand stuurde hem naar school. Hij hoefde niets bijzonders te doen; hij had alle vrijheid om gewoon te spelen. En spelen deed hij.

Maar uiteindelijk moest hij terug naar de stad. Terug naar het kleine huis, naar school, naar regels en verplichtingen. En diep vanbinnen leefde vanaf die dag het verlangen om ooit weer terug te gaan naar de boerderij van opa en oma.

Toen werd het lente en zijn ouders zeiden: “Als alles goed gaat, brengen we je in juni weer naar opa en oma.”

Dat ene zinnetje was genoeg. Zijn hoofd vulde zich met blijdschap. Hij droomde er elke dag over. Hij dacht niet aan de lange weg ernaartoe of aan alles wat er nog tussen lag. Hij dacht alleen aan de bestemming.

Opa’s huis was voor hem de plek waar alles samenkwam wat mooi en goed was.

En hoewel niet alles te vergelijken valt met het Bijbelse spreken over de hemel, verwoordt deze anekdote iets van het verlangen dat christenen mogen dragen wanneer zij aan de hemel denken: het verlangen naar een plaats waar alles klopt.

Sterven is voor de gelovige niet verdwijnen, maar een thuiskomen bij de Heer.

H.W. Beecher

Er bestaan slechts twee soorten mensen:
rechtvaardigen die weten dat zij zondaars zijn,
en zondaars die denken dat zij rechtvaardig zijn.

***

Dat is grappig

Een jongetje liep eens over het strand en zag daar een vrouw op een matrasje onder een parasol zitten. Hij liep naar haar toe en vroeg aarzelend: “Hallo mevrouw, mag ik u iets vragen?”

De vrouw keek verbaasd op. “Natuurlijk, knulletje… wat wil je weten?”

“Bent u christen, mevrouw?”

De vrouw kon een glimlach niet onderdrukken. “Jazeker wel.”

Dat antwoord scheen het jochie te bevallen. “Dus… u leest iedere dag in de Bijbel?”

“Ja hoor,” antwoordde de vrouw, niet begrijpend waar dit naar toe ging.

“En… u bidt dus ook?”

“Iedere dag,” antwoordde de vrouw weer terwijl ze instemmend knikte.

“Wil u dan mijn Euro vasthouden terwijl ik ga zwemmen?”

____

 

Laat een bericht achter:

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Lees de nieuwe Oppepper

Thuis of op je werk, een Oppepper maakt je sterk

Klik hier