Maandag 11 augustus 2025
Gebed
Wees altijd verheugd, bid onophoudelijk, dank God onder alle omstandigheden, want dat is wat Hij van u, die één bent met Christus Jezus, verlangt.
1 Tessalonicenzen 5:16-18
____
Heer, mijn kostbare, almachtige Heer,
De hemelen, de aarde en alles wat daarin is, verkondigen Uw wonderbaarlijke goedheid. Maar nog groter is Uw liefde die straalt met een onovertroffen glans vanaf die ontzagwekkende plaats, Golgotha genaamd.
Aan het kruis zie ik Uw hemelse genade, waar de onvoorstelbare last van mijn zonden van mij werd weggenomen. Daar legde U mijn ongerechtigheid op Uw geliefde Zoon.
Daar hing de zondeloze Jezus als een misdadiger, in mijn plaats. Hij die geen zonde kende, werd voor mij tot zonde gemaakt. Hij werd verworpen, opdat ik aanvaard zou worden. Ik, samen met allen die in Hem geloven, aanschouw Hem daar aan het kruis waar Hij beschouwd werd als een vervloekte.
We zien Uw rechtvaardigheid, die het vlekkeloze Lam naar de slachtbank leidde om de volle prijs voor onze schuld te betalen. Het boek waarin onze zonden stonden opgetekend, is vernietigd. Als onze zonden gezocht worden, kunnen ze niet meer worden gevonden, want U heeft ze in de diepten van de zee geworpen waar ze voorgoed bedekt zijn door het bloed van het Lam.
* Hij werd door U verlaten, opdat wij in Uw nabijheid zouden worden gebracht.
* Hij werd behandeld als een vijand, opdat wij verwelkomd zouden worden als kinderen van Uw huis.
* Hij werd gebroken, opdat wij zouden worden geheeld.
* Hij werd veroordeeld, opdat wij vrijgesproken zouden worden.
O Heer, wat kan ik nog meer zeggen? Ik kan slechts neervallen aan Uw voeten, in diepe dankbaarheid, in heilig ontzag en in volledige overgave.
Henry Law (1797-1884)

Aanbidding is als:
Een dorstig land dat schreeuwt om regen,
Een kaars die wordt aangestoken,
Een druppel op zoek naar de oceaan,
Een stem in de nacht die om hulp roept,
Een ziel vol ontzag voor het mysterie van het universum,
Tijd die overgaat in eeuwigheid,
Een mens die het altaar beklimt naar God.
____
U bent het die mijn lamp doet schijnen,
U, HEER, mijn God, verlicht mijn duisternis
Psalm 18:29
____

Voordat gidsen toeristen meenemen in donkere catacomben of grotten, geven ze hen eerst een lamp in de hand. Het bleke schijnsel lijkt misschien overbodig zolang ze nog in het volle daglicht wandelen. Maar zodra ze de duisternis van de grot betreden, verdwijnt het zonlicht en begint de vlam van de lamp helder te schijnen. Hoe waardevol en onmisbaar is die lamp, want zonder dat licht zouden ze verdwalen in de dikke duisternis en de ondoorgrondelijke gangen van de grotten.
Dat is dus het idee van de Bijbel. Het woord van God geeft ons het licht om in het duister te gebruiken zodat we onze weg veilig kunnen vinden. Het is dus van het grootste belang om, in tijden van licht en voorspoed, het licht van Gods beloften en troost in ons hart op te nemen. En dan, wanneer verdriet en beproeving onze weg doorkruisen en de zon van ons aardse geluk onder gaat, zullen juist die verborgen lichten gaan schijnen in de duistere gangen van de nacht. We zijn wijs als we het licht van vrede en blijdschap dat God ons vandaag in onze voorspoed aanreikt, dankbaar aannemen en in ons hart wegsluiten, ook al begrijpen we op dit moment hun belang misschien nog niet. Het kan zomaar zijn dat juist dit het enige licht is dat morgen nog helder schijnt en ons veilig door gevaar of zelfs de dood heen leidt.
Uit: Glimpses Through the Window of Life
Deze week nieuw op de site

De bronnen van de Heer, die me verkwikken en mij kracht geven, zijn altijd te vinden op de plaatsen waar ik dat levende water het meest nodig heb.
Lees hier verder
Langzaam reed Mihai’s busje naar de grenspost. Zijn adem stokte terwijl hij fluisterde: “Lieve Jezus, wilt U alstublieft Uw Woord beschermen… Laat het verborgen blijven voor de ogen van de grenswachters.” Met kille blik en vaste stem gelastten de bewakers hem om uit te stappen.
Lees hier verder
Spreuk van de week

De christen heeft een diepe, stille, verborgen vrede die de wereld niet ziet of kent. Die is als een bron op een afgelegen en schaduwrijke plek. Hij wil niets liever dan daar in de stilte aan God te worden overgelaten, want dat is zijn ware leven.
John Henry Newman
Gebed is de vrede van onze geest, de stilte van onze gedachten, de zetel van meditatie, de rust van onze zorgen en de kalmte in onze storm: gebed is het resultaat van een rustige geest, van onbezorgde gedachten. Het is de dochter van naastenliefde en de zuster van zachtmoedigheid.
Jeremy Taylor
De kerk verandert de wereld niet door mensen te bekeren, maar door hen tot discipelen te maken.
John Wesley
Soms is je enige beschikbare vervoermiddel een sprong in het diepe op geloof.
Margaret Shepard
Om over na te denken

Hemel, laat gerechtigheid neerregenen, laat haar neerstromen uit de wolken. Laat de aarde zich openen zodat redding zal ontkiemen en gerechtigheid ontspruiten. Ik, de HEER, heb dit alles geschapen.
Jesaja 45:8
_____
De dag eindigde met zware regenbuien. De planten in mijn tuin werden neergeslagen door de stortregen, en ik zag één bloem, een bloem die ik bewonderde om haar schoonheid en liefhad om haar geur, die volkomen overgeleverd was aan de meedogenloze storm. Ze viel neer, sloot haar bloemblaadjes, liet haar kopje hangen… en ik zag dat al haar glans verdwenen was.
“Ik zal moeten wachten tot volgend jaar,” dacht ik, “voordat ik haar weer in volle pracht mag zien.”
De nacht ging voorbij en de ochtend brak aan. De zon begon weer te schijnen, het ochtendlicht gaf de bloem nieuwe kracht. Het licht keek naar de bloem, de bloem keek naar het licht. Er was contact, er was gemeenschap en kracht stroomde de bloem binnen.
Ze richtte haar kopje weer op, opende haar bloemblaadjes, hervond haar glans en leek zelfs nog mooier dan daarvoor.
Ik verwonderde me erover: hoe kon zo’n zwak, kwetsbaar ding kracht ontvangen door simpelweg in contact te komen met iets sterks?
Zo is het ook met de ziel die in oprechte gemeenschap met Christus leeft. Door die intieme verbondenheid ontvangt de ziel kracht om waarachtig te leven. Ik kan niet precies uitleggen hoe het gebeurt, dat die kracht werkelijk in mij komt, maar ik weet dat het waar is.
Sta je voor verleidingen door aardse weelde of zware beproevingen en ben je bang dat ze jouw geloof zullen ondermijnen? Zoek dan die gemeenschap met Christus… en je zult de kracht ontvangen om te overwinnen.
Onbekend

Kom allen bij Mij, jullie die vermoeid zijn en onder lasten gebukt gaan, Ik zal jullie rust geven. Neem mijn juk op je en leer van Mij: Ik ben zachtmoedig en nederig van hart. Dan zullen jullie werkelijk rust vinden, want mijn juk is zacht en mijn last is licht.’
Mattheüs 11:28-30
_____
“Leer van Mij dat Ik zachtmoedig ben en nederig van hart.”
Deze woorden komen uit de Mond van de waarheid Zelf. Hij, die de hemelse heerlijkheid achter zich liet om in diepe vernedering onder ons te leven, gaf ons deze belofte. In de Zoon van God zien we ware nederigheid: Hij, die bereid was te dienen, terwijl Hij het recht had om te heersen en die ook vandaag juist de minste onder ons Zijn liefde en redding aanbiedt.
Hoe anders zijn wij van nature.
Als we eerlijk naar onszelf kijken, zouden we ons moeten schamen. Worstelen we niet allemaal met onze drang om de baas te spelen, de beste te zijn, met onze hoge dunk van onszelf en onze lichtzinnigheid?
Al deze eigenschappen zijn uitlopers van de plant van de hoogmoed die door de boze reeds in het Paradijs werd gezaaid. Maar God geeft ons de genade om er mee af te rekenen als wij onze wil aan Hem geven.
Geef je hart dus aan de Zoon van God, die je uitnodigt om tot Hem te komen. Als onze verzuchting oprecht is bij het “Heer, ik kan het niet,” zal hij antwoorden als een milde Gastheer door te zeggen: “Kom, want alles staat voor je gereed.”
Bewerkt uit: Nieuw Bijbels dagboekje

Dit is het oordeel: het licht kwam in de wereld en de mensen hielden meer van de duisternis dan van het licht, want hun daden waren slecht.
Johannes 3:19
_____
De natuurlijke mens neemt het niet zo nauw met de zonde. Het ongelovige hart bekijkt zichzelf als met een blinddoek voor in de spiegel en zegt dan: ‘Zonde? Welnee, ik zie niets verkeerds.’ Het ingrijpendste werk van God in al Zijn kinderen is dan ook om die blinddoek van onze ogen te rukken en ons zo de waarheid te tonen over onze echte aard. Dat is soms een pijnlijk proces, maar alleen door eerlijke en diepe zelfkennis komen we op het punt waarop we willen zeggen: “Heer, U hebt gelijk. De kracht is niet in mij, maar in U.”
Dan zal de Heiland zeggen: “Kom, Mijn lieve kind. Ik heb je verlost.”
Uit het archief van Spurgeon

Uw liefde is beter dan wijn!
Hooglied 1:2
_____
Wij vinden onze diepste vreugde niet in de vluchtige genoegens van deze wereld, maar in de blijvende liefde van de Here Jezus Christus. “Uw liefde is beter dan wijn,” zegt de Bruid tot haar Geliefde. Aardse vreugden mogen even fonkelen, maar ze vervagen snel.
Christus’ liefde is beter.
Die is zuiverder, dieper, rijker en voor altijd verzadigend.
Wijn kan het hart van de mens verheugen, maar kan zijn geweten niet tot rust brengen, kan het gezicht voor even doen stralen, maar kan de ziel niet reinigen. Eén moment in gemeenschap met Jezus weegt echter op tegen een heel leven vol wereldse genoegens.
Geliefden, overweeg toch hoe Christus Zijn liefde voor je heeft uitgestort. Niet alleen in woorden, maar in bloed. Hij bewees Zijn liefde voor ons aan het kruis. Hij beminde ons toen we onbeminnelijk waren. Hij zocht ons op toen we dwaalden en Hij stierf voor ons toen we op weg naar de afgrond waren.
En nu nodigt Hij ons uit om nader te komen en diep te drinken van Zijn liefde. Hij is de Fontein van het levende water, de ware Wijnstok waaruit elke druppel hemelse vreugde vloeit.
Drink vrijelijk en wees in Hem verzadigd!
Uit de schatkist van het verleden

U hebt geen beproevingen te doorstaan die niet voor mensen te dragen zijn. God is trouw en zal niet toestaan dat u boven uw krachten wordt beproefd: Hij geeft u mét de beproeving ook de uitweg, zodat u haar kunt doorstaan.
1 Korintiërs 10:13
____
Bernardus van Clairvaux schreef drie vragen op die hij zichzelf stelde wanneer hij in verzoeking kwam:
- Is het geoorloofd?
Mag ik dit doen zonder te zondigen? Wat zegt de Schrift hierover? Voordat ik iets doe, moet ik me afvragen of het past binnen Gods heilige wet en of ik mijn relatie met God erdoor zou kunnen schaden. Deze vraag beschermt me tegen zonde. - Past het bij mij als christen?
Mag ik dit doen zonder mijn geloofsgetuigenis te schaden? Zelfs als iets technisch niet zondig is, kan het nog steeds ongepast zijn voor mij omdat ik de naam van Christus draag. Ik ben geroepen tot een hoger leven en vertegenwoordig Christus in deze wereld. Mijn handelingen moeten daarom overeenkomen met mijn roeping als kind van God en mogen mijn getuigenis niet ondermijnen. Deze vraag beschermt mijn getuigenis - Is het nuttig en verstandig?
Mag ik dit doen zonder mijn zwakke broeders en zusters te ergeren of te doen struikelen?
Bij alles wat ik doe moet ik rekening houden met de invloed op anderen. Liefde voor mijn broeders en zusters in Christus kan mij ertoe brengen vrijwillig af te zien van bepaalde dingen die voor mij prima zijn, maar anderen zouden kunnen doen struikelen in hun geloof. Deze vraag beschermt de gemeenschap
Ware christelijke vrijheid betekent niet dat we alles kunnen doen wat we willen, maar dat we onze keuzes maken vanuit liefde voor God en onze naaste.
Bernardus van Clairvaux, (Sint-Bernardus 1090 – 1153) was een Franse abt en de belangrijkste promotor van de hervormende kloosterorde van de Cisterciënzers.
Korte Anekdotes

“Ik ben de opstanding en het leven; wie in Mij gelooft zal leven, ook al is hij gestorven.”
Johannes 11:25
____
Een jonge verpleegster werkte in de nachtdienst op een palliatieve afdeling. Ze was net begonnen; vol idealen maar ook met onzekerheid. De dood, merkte ze al snel, kwam niet altijd zacht. Soms vroegen de mensen om meer troost dan zij kon geven.
Op een avond hoorde ze zacht gezang vanuit een kamer van een oude vrouw die stervende was. De deur stond op een kier. De vrouw lag met gesloten ogen, haar gezicht vredig, terwijl haar lippen zacht op en neer bewogen en ze een oud lied zong:
“Veilig in Jezus’ armen, veilig aan Jezus’ hart…”
De verpleegster bleef in de deuropening staan, diep geraakt.
Later vertelde ze:
“Op dat moment begreep ik iets wat geen studieboek mij had kunnen leren. Die vrouw ging niet de dood in, ze ging naar Huis. Ze geloofde niet in de afgrond, maar in armen die haar zouden opvangen.” Waar het zicht ophoudt, begint het geloof. Niet elk einde is een afscheid — soms is het een thuiskomst.

“En zie, Ik ben met u al de dagen, tot de voleinding van de wereld.”
Mattheüs 28:20
_____
Er was eens een klein meisje dat bang was om te gaan slapen. Na het overlijden van haar moeder voelde haar kamer donkerder dan ooit tevoren. Haar vader, zelf natuurlijk ook kapot van verdriet, wist niet wat hij moest zeggen. Maar hij bleef trouw naast haar bed zitten totdat ze in slaap viel.
Op een avond vroeg ze zachtjes:
“Papa, zou je vannacht mijn hand weer willen vasthouden tot ik in slaap val?”
“Natuurlijk, lieverd.” Hij knikte, pakte haar hand en bleef stil naast haar zitten. Na een tijdje viel ze eindelijk rustig in slaap.
Die nacht knielde de vader op zijn eigen slaapkamervloer terwijl de tranen in zijn ogen stonden. “Heer Jezus,” bad hij, “ik begrijp nu iets wat ik eerder nooit echt begreep. Zo vaak heb ik U niet gezien, niet gehoord, en toch… telkens als ik vraag of U mijn hand wilt vasthouden, bent U daar. Zelfs in de donkerste nachten.”
Geloof in Jezus is niet altijd groots of spectaculair. Soms is het simpelweg een hand in het donker, in de wetenschap dat er Iemand is die hem vasthoudt.
Hemels perspectief

Voor altijd doet Hij de dood teniet. God, de HEER, wist de tranen van elk gezicht, de smaad van zijn volk neemt Hij van de aarde weg – de HEER heeft gesproken.
Jesaja 25:8
_____
Elke zondagmiddag ging een klein meisje van zeven op bezoek bij haar grootvader. Hij woonde in een klein huisje aan de rand van het dorp. En er was iets heel bijzonders in dat huisje, want Opa had een prachtige, mysterieuze spiegel met een zware omlijsting in zijn halletje hangen. Niet dat die spiegel op zichzelf heel zinvol leek, want het ding was oud, had veel van zijn oorspronkelijke glans verloren en was nu dof en wazig.
“Opa,” vroeg ze op een dag, “waarom is die spiegel zo wazig? Je kunt er niet goed in zien.”
Opa glimlachte en streek over haar haar. “Dat is een bijzondere spiegel, meisje. Die hangt er al sinds jouw oma nog leefde. Vroeger zag ik alles heel helder in die spiegel, maar met de jaren werd het beeld troebel.”
Emma keek bedenkelijk. “Waarom vervang je hem dan niet?”
Hij kneep zacht in haar hand. “Omdat het me eraan herinnert hoe wij nu naar de hemel kijken. Wazig. Onvolledig. Soms zien we alleen flarden. Maar op een dag zal alles helder zijn. Dan zie ik Jezus van aangezicht tot aangezicht en zal ik ook jouw oma weer heel duidelijk zien. Daar heb ik geen spiegel meer nodig om helder te zien.”

In het huis van mijn Vader zijn veel kamers; zou Ik anders gezegd hebben dat Ik een plaats voor jullie gereed zal maken?
Johannes 14:2
____
Op een zomerse middag was een klein jongetje op een heuvel aan het vliegeren. Hij had zijn hand stevig om een touw geklemd en ver boven hem danste een grote vlieger in de wolken, totdat de wolken de vlieger versluierden en er niets meer te zien was. Maar het jochie bleef gefascineerd naar boven kijken.
Ik zag hem en vroeg me af wat hij aan het doen was, want ik had die vlieger niet gezien. Dus vroeg ik hem nieuwsgierig: “Hé, jochie, waarom staar jij zo naar boven?”
“Mijn vlieger, mijnheer,” antwoordde de jongen beleefd. “Die is daar ergens in de wolken.”
“Maar er is niets te zien,” vervolgde ik.
“Dat klopt. Ik zie hem niet meer… maar ik voel hoe hij trekt. Dus ik weet dat hij er nog is.”
Ik knikte stil, geraakt door de eenvoud van het antwoord.
Later vertelde ik het voorval aan een vrouw die net haar man had verloren. Er stonden tranen in haar ogen terwijl ze luisterde, en toen zei ze: “Dat is precies hoe het voelt. Ik zie mijn man niet meer… maar ik voel de trek van de hemel. Ik weet dat hij daar is. En ooit zal ik hem weer zien als ook ik daarheen kan gaan.”
Een glimlach

“Kom tot Mij, allen die vermoeid en belast zijn,
en Ik zal u rust geven.”
Mattheüs 11:28
_____
Ze zat gespannen achter haar bureau. De ochtend was hectisch geweest: de kinderen hadden geruzied, de boter was op, ze had haar sleutels niet kunnen vinden en nu zat er ook nog een grote koffievlek op haar witte blouse, op een prominente plek.
Toen haar collega haar vriendelijk aankeek en vroeg: “Alles goed?”, voelde ze de tranen prikken.
“Nee,” wilde ze zeggen. “Helemaal niet. Ik ben moe. Alles gaat verkeerd. Thuis, op het werk, bij God. Overal.”
Maar ze glimlachte flauw en mompelde: “Ja hoor. Gewoon een beetje druk.”
Tijdens de lunchpauze liep ze naar buiten. In het parkje bij haar kantoor plofte ze op een bankje neer en keek naar de lucht.
“Heer,” zuchtte ze. “Ik weet het allemaal niet meer. Ik ben geen goede moeder. Het werk gaat niet lekker en ik heb niet het gevoel dat U erg blij met me bent. Ik probeer het wel, maar het voelt alsof ik voortdurend struikel.”
Een oudere vrouw die op het naastgelegen bankje zat, draaide zich naar haar toe. Alsof ze haar gedachten gelezen had, zei ze rustig:
“Weet je, God kijkt niet of jouw blouse vlekkeloos is of jouw dag perfect, Hij kijkt of je komt. Of je Hem zoekt. En weet je wat? Struikelend geloof is nog steeds geloof.”
Ze keek haar aan.
Hoe wist die vrouw…?
Er liep een traan over haar wang, maar deze keer van opluchting.
Uiteindelijk heeft geloof niets met onze prestaties te maken. Het is een relatie. En zelfs op vlekkerige, vermoeiende dagen blijft Jezus dezelfde: trouw, nabij en geduldig.
Dat is grappig

Een dominee koopt een sprekende papegaai van een oude zendeling. Bij de overdracht zegt de zendeling: “Een kleine waarschuwing: deze papegaai is nogal… vroom. Maar hij reageert geweldig op wat je hem vraagt. Ik heb twee kleine draadjes aan zijn klauwtjes bevestigd en als je aan het touwtje links trekt, zegt hij: ‘Halleluja!’ En als je aan het touwtje rechts trekt, roept hij: ‘Prijs de Heer!’ Met deze papegaai heb ik heel wat mensen over de Heer kunnen vertellen. Dus, erg waardevol.”
De dominee is nieuwsgierig en vraagt: “Wat gebeurt er als ik aan allebei de touwtjes tegelijk trek?”
De papegaai begint direct hard te krijsen, met zijn vleugels te flapperen en roept uit: “Wat een stomme vraag, dominee. Denk toch na, man! Dan val ik natuurlijk op mijn kop.”