Maandag 12 januari 2026

 

Gebed

Heer,
leer mij U te loven in alles wat deze week brengt.
In alles wat helder en vreugdevol is,
|maar ook in wat verborgen of moeilijk lijkt.
Help mij alles te ontvangen met een dankbaar hart,
wetende dat niets buiten Uw wil om gebeurt.
Ook wanneer de weg donker is,
dank ik U dat U regeert
en dat Uw liefde mij omringt.
Open mijn ogen om Uw hand in alles te zien
en leer mij, U daarvoor te danken.
Laat dankbaarheid mijn houding vormen,
mijn woorden verzachten
en mijn daden leiden,
zodat ik leef tot eer van U
en tot zegen ben voor anderen.
Amen.

Wat de toekomst brengen moge,
mij geleidt des Heren hand.
Moedig sla ik dus de ogen
naar het onbekende land.

Leer God te volgen zonder vragen;
Vader, wat gij doet is goed!
Leer mij het heden ook te dragen
met een rustig, kalm gemoed!

Schijnen mij Uw wegen duister,
zie, ik vraag U niet: waarom?
Eenmaal zie ik al Uw luister,
als ik in Uw hemel kom.

Waar de weg mij brengen moge,
aan den vaders trouwe hand,
loop ik met gesloten ogen
naar het onbekende land.

Wij doen meer goed dan we weten als we het woord van God zaaien. Soms lijken onze pogingen om deze wereld met Gods liefde te inspireren maar weinig waard en stroomt dat woord maar druppelsgewijs binnen. Maar vergis je niet, het woord moet ergens binnenkomen om de wereld de ware gedachten over Christus te geven. Eens komt de dag waarop iemand zich herinnert dat die kleine getuigenis die jij gaf de eerste aanzet was tot het openen van de deur van het hart waardoor God uiteindelijk de gelegenheid had om binnen te komen. Als ik sterf hoef ik geen groot gedenkteken waaruit blijkt hoeveel goeds ik voor deze wereld gedaan heb. Maar wat ik fijn zou vinden is, dat eenvoudige zielen zich rond mijn graf verzamelen en dan zullen zeggen: “Hij was een goed mens; hij verrichtte geen wonderen, maar hij sprak woorden over Christus die mij troost gaven en mij hielpen Hem zelf te leren kennen.”
George Matheson

De beste en geurigste bloemen van het paradijs geeft God aan Zijn kinderen die op hun knieën zitten. Het gebed is de poort van de hemel.
Thomas Brooks

Deze week nieuw op de site:

Ren iedere morgen eerst naar God, al is het maar heel even. Wie door Hem wordt aangeraakt, draagt iets van de rust van de hemel met zich mee en mag de dag ingaan met vertrouwen.
Lees verder

Om over na te denken

De Evangelist A.W. Tozer schreef aan het begin van de vorige eeuw: “Het doet me pijn om het te zeggen, maar ik constateer steeds weer dat veel Christenen roekeloos en onzorgvuldig met hun geloof omgaan. Het ergste is wellicht dat deze houding ook zijn weg naar andere Christenen vindt. We hebben vrijheid, we hebben geld, we leven in betrekkelijke luxe, zaken waar niets mis mee is. Maar als we onze ogen alleen op die zaken richten verliest onze overtuiging haar kracht en is er nauwelijks verschil tussen een kind van God en een kind van de wereld. Hoe zou een vioolsolo klinken als de snaren op het instrument van de muzikant niet strak waren aangespannen maar slap over het instrument hingen?”

***

Er is niet genoeg duisternis in de hele wereld om het licht van zelfs maar één klein kaarsje te doven.
Robert Alden

Verdrukking is het dorsen in ons leven dat God toelaat. Maar vriend, Hij doet dit nooit om ons te vernietigen, maar om het goede, het hemelse en het geestelijke in ons te scheiden van het verkeerde, het aardse en het vleselijke dat ons van het Koninkrijk weghoudt. Het lijkt erop dat niets anders dan tegenslag en pijn dit in ons kan volbrengen. Het kwaad klampt zich namelijk zo hardnekkig vast aan het goede en het gouden koren van de goedheid in ons is zo verpakt in het kaf van ons oude, wereldse leven, dat alleen de hemelse dorsvlegel van het lijden de noodzakelijke scheiding kan voortbrengen.
J.R. Miller

Bidden “in Jezus’ Naam” betekent bidden in Zijn geest, met Zijn medeleven en in Zijn liefde. Het is bidden in Zijn verontwaardiging en met Zijn bezorgdheid. Met andere woorden, het betekent het bidden van een gebed dat Jezus zelf zou bidden.
Kenneth L. Wilson

Wij hebben het wel eens over de telescoop van het geloof. Dat is zeker de moeite waard om over na te denken. Maar we zouden eigenlijk nog meer moeten denken over de microscoop van aandacht voor de kleine, liefdevolle dingen die ons in dit leven omringen. Als wij leren om meer door deze microscoop te kijken, in het licht van Gods Geest, zal het ons verbazen hoe mooi het leven is.

Frances Ridley Havergal

___

Mijn God zal uit zijn rijkdom in Christus Jezus u alles geven wat u nodig hebt.
-Filippenzen 4:19
___

Uit het archief van Spurgeon

Wat betekent het als je met God in het reine bent en je hart op de juiste plaats zit? Het betekent dat Jezus voortdurend bij je is en iedere donkere werkdag verandert in een zondag van rust en vrede. Je maaltijd wordt een heilige aangelegenheid, je huis wordt een tempel van aanbidding en waar je staat wordt de aarde aangeraakt door de hemel.

De Heer veegt onze ellende weg zoals de ongediertebestrijding een wespennest verwijdert, of zoals de wind de mist wegblaast. Gebed kan net zo makkelijk onze zorgen wegnemen als het de kikkers en muggen aan het hof van de farao wegnam toen Mozes God daarom vroeg.

___

 

___

De dingen die ons te wachten staan zijn veel beter dan al die dingen die we achterlaten.
C.S. Lewis

 Uit de schatkist van het verleden

“Toen ik een klein jongetje was,” aldus Dwight L. Moody, “kreeg ik eens een vergrootglas voor mijn verjaardag. O, wat was dat mooi. Ik trok de heuvels in en zag de wereld opeens met andere ogen. Zelfs de kleinste insecten zagen er wonderlijk en prachtig gevormd uit. Maar het meest bijzondere was, toen ik uitvond dat je kleine, dorre takjes en twijgjes kon laten branden door het vergrootglas heel stil te houden en de zonnestralen er een tijdje op te laten schijnen. Toen begreep ik dat Gods Woord ook een vergrootglas is. Door de lens van Zijn Woord zien we hoe prachtig deze wereld gemaakt is en begrijpen we dat er een plan achter de schepping zit. God heeft overal een bedoeling mee, ook als we die bedoeling vaak niet begrijpen. En tenslotte… als we het vergrootglas van het Woord heel stil op een bepaalde Bijbelpassage gericht houden en de waarheid ervan op ons laten inwerken, stuurt God het hemelse vuur dat onze harten verwarmt en onze wegen verlicht.”

___

Woorden zijn als medicijnen; ze moeten zorgvuldig worden afgemeten en in de juiste hoeveelheid worden toegediend. Een overdosis kan namelijk desastreuze gevolgen hebben.
Joods spreekwoord.

Barnaby Barnato was een beroemd zakenman aan het einde van de negentiende eeuw. Hij verdiende zijn geld met het exploiteren van de diamantmijnen in Zuid-Afrika. Maar zoals vaak het geval is, gaan rijkdom en geloof niet altijd even makkelijk samen en de welvarende man had dan ook een gruwelijke hekel aan de kapitein met wie hij regelmatig naar Zuid-Afrika voer. Kapitein Robinson was een overtuigd Christen maar Barnaby moest niets hebben van die zalvende praatjes, zoals hij dat noemde. “Ik heb niets met dat geloof in God,” zei hij met een zekere minachting. Maar toen de dag kwam waarop hij weer naar Zuid-Afrika moest varen wilde hij beslist op de boot van kapitein Robinson. “Waarom vaar je met die man mee?” vroeg een vriend. “Je houdt niet van al dat gedoe met gebed. Er zijn toch genoeg andere boten naar Zuid-Afrika?” “Dat is goed mogelijk,” antwoordde de miljonair. “Maar ik wil wel graag behouden aankomen en ik denk dat ik heel wat veiliger ben met Robinson aan het roer dan op een andere boot.” En dus voer de ongelovige miljonair met het schip van de gelovige kapitein.

Het doet ons denken aan de Bijbelpassage in Johannes 12:26 waar Jezus zegt: “Als iemand Mij dient, zal de Vader hem eren.”

Een glimlach

Een welvarende wereldse dame nam eens een werkster in dienst; een eenvoudige, arme vrouw die maar moeilijk rond kon komen en haar kinderen in afdankertjes van anderen liet rondlopen. Desalniettemin had de vrouw een rotsvast vertrouwen in God. De wetenschap dat de Goede Herder voor haar zorgde maakte dat ze een lichtend voorbeeld van vertrouwen was en haar kinderen welgemanierd en vriendelijk waren.

Toch zinde het de rijke vrouw niet dat de werkster haar kinderen opvoedde zonder de nodige luxe en het grootste deel van haar wereldse bezittingen uit een tweedehandszaak haalde. Dat zou die kleintjes zeker schaden. “Weet je wel dat je kinderen zo geen schijn van kans maken in deze wereld?” sprak ze op zekere dag tegen de werkster tijdens een koffiepauze. “Neem nou die tweedehands kleren die je steeds voor hen koopt. Dat kan toch niet in een tijd als deze?”

De werkster haalde haar schouders op en er verschenen lichtjes in haar ogen. “U heeft wel gelijk dat ze in de wereld geen kans hebben, mevrouw.” Ze stopte even en voegde er toen aan toe: “Daar zijn ze inderdaad veel te goed voor gekleed.” De vrouw refereerde aan het vers in Jesaja 61:10: “Laat mij u vertellen hoe gelukkig God mij heeft gemaakt! Want Hij heeft mij gekleed in gewaden van heil en een mantel van gerechtigheid over mijn schouder gelegd. Ik lijk wel een bruidegom in zijn trouwpak of een bruid met haar sieraden.”

Als we leren met Gods ogen naar het leven te kijken, zien de dingen er vaak heel anders uit dan ze op het eerste gezicht lijken.

___

Op de wekelijkse Bijbelstudie vroeg de leider aan Walt, een oude man, om de bijeenkomst te openen met gebed. Dat deed hij graag, maar hij had maar een zwakke stem, waar iemand anders zich aan ergerde. “Ik kan je niet horen!” onderbrak hij het gebed met bulderende stem. Walt antwoordde eenvoudig: “Kalm maar, jongen. Ik had het niet tegen jou.”
___

In het huis van een gelovige man woonde een kreupel meisje. Het arme kind had polio gehad en kon zelf niet meer lopen. Op zekere dag kwam vader thuis met een pakje voor zijn vrouw. Hij liep op zijn dochter toe en na haar op haar voorhoofd gekust te hebben vroeg hij: “Waar is mama, schat. Ik heb een pakje voor haar.”

“Mama is boven,” antwoordde het kind. “Mag ik haar het pakje brengen?”

De vader keek haar verbaasd aan en zei toen zacht: “Maar liefje, hoe kan dat nou? Je kunt jezelf niet eens dragen.”

“Dat is waar,” zei het meisje met een grote glimlach. “Maar dat pakje kan ik wel dragen en dan draagt u mij naar boven.”

En zo gebeurde het dat vader en dochter het pakje samen naar mama brachten.

Is dat ook niet onze positie met God? Kreupel als wij zijn door de zonde en ons menselijk onvermogen kunnen wij toch heel wat mooie dingen doen door ons te laten dragen door onze liefhebbende Vader.

___

Er is een pad waar ieder kind van God eens komt te lopen, een pad waar geen mens hem kan vergezellen. Maar hij is nooit alleen, want juist op die wegen is God zijn trouwe metgezel.
___

Hemels perspectief

Wie of wat heb ik, buiten U, nog nodig? Als ik U heb, heb ik verder niets nodig en verlang ik niets meer. Noch op aarde, noch in de hemel.
Psalm 73:25

Een jongetje liep eens vrolijk door de straat terwijl hij uit volle borst een liedje over Jezus zong. Dat gezang schoot een ongelovige man in het verkeerde keelgat. Met een meewarige blik schudde hij zijn hoofd en zei: “Jongen, je zingt nu wel over de hemel, maar stel je eens voor dat je Jezus daar niet ziet. Wat zou je dan doen?”

Zonder aarzelen antwoordde de jongen vol overtuiging: “Dat is toch logisch? Dan zou ik Hem meteen gaan zoeken.”

De man fronste zijn wenkbrauwen en dacht even na. “Maar stel nu,” zei hij, “dat Jezus in de hel zou zitten. Dan wil je daar toch zeker niet heen?”

De jongen keek hem verbaasd aan en begon te glimlachen. “Mijnheer,” zei hij stralend, “wat u daar zegt kan helemaal niet, want waar Jezus is, daar is de hemel.”

 Dat is grappig

Alweer wat jaren geleden besloot een man in Amsterdam dat het tijd was om te biechten en dus stapte hij bij de priester de biechtstoel in. “Eerwaarde,” zei de man, “ik heb al lang niet gebiecht en voel dat het nodig is.”

“Dat is goed, mijn zoon,” antwoordde de priester. “De Heer wil graag dat we eerlijk en oprecht en met een schoon hart door het leven gaan.”

“Dacht ik ook,” antwoordde de man. “Welnu, in de tweede wereldoorlog heb ik iemand in mijn huis verborgen om hem te beschermen tegen de Duitsers!”

“Maar dat is toch geen zonde?” antwoordde de priester verbaasd. “Dat deed je uit vaderlandsliefde en het was nog gevaarlijk ook!”

“Jawel, eerwaarde. Maar ik vroeg hem 20 gulden per week om te helpen met de onkosten!”

De priester zuchtte en zei: “Dat is toch zeker normaal. Je moest toch ook overleven. Nee, daar was niets mis mee!”

De man die aan het biechten was leek helemaal opgelucht en zei: “Dank u wel. Ik voel me al een stuk beter. Ik heb nog een laatste vraag.”

“Natuurlijk, mijn zoon,” antwoordde de priester, “vraag maar raak.”

“Denkt u dat ik de man moet vertellen dat de oorlog al enige tijd voorbij is?”

____

Reacties

Laat een bericht achter:

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Lees de nieuwe Oppepper

Thuis of op je werk, een Oppepper maakt je sterk

Klik hier